Een goede dakafvoer voor regenwater zorgt ervoor dat water snel en gecontroleerd van je dak afgevoerd wordt, zodat je geen lekkages, wateroverlast of schade aan de dakconstructie krijgt. Of je nu een plat dak of een schuin dak hebt, de keuze voor het juiste systeem maakt een groot verschil. Hieronder vind je alles wat je nodig hebt om een weloverwogen keuze te maken.
Hoe werkt dakafvoer van regenwater?
Bij een plat dak ligt het waterafvoersysteem grotendeels in of op het dak zelf. Regenwater stroomt via een lichte helling naar een inlaat, ook wel dakafvoer of hemelwaterafvoer (HWA) genoemd. Van daaruit gaat het water via een pijp naar de riolering of een regenwaterput. Bij een schuin dak loopt het water via dakgoten en regenpijpen naar beneden.
Het systeem bestaat uit een paar vaste onderdelen: de afvoeropening in het dak, de aansluiting op de dakbedekking, een eventuele bladkorf of bladvangers, en de afvoerpijp die het water naar beneden voert. Al deze onderdelen moeten goed op elkaar aansluiten, anders ontstaan er lekkages.
Soorten dakafvoer voor regenwater
Er zijn meerdere soorten dakafvoeren, elk geschikt voor een ander type dak of situatie:
- EPDM-afvoeren: Speciaal ontworpen voor platte daken met EPDM-dakbedekking. De aansluiting zit verwerkt in een rubber manchet die naadloos aansluit op de dakfolie. Hierdoor is de kans op lekkage klein.
- PVC-afvoeren: Breed inzetbaar en relatief goedkoop. PVC-dakafvoeren zijn lichtgewicht, eenvoudig te verwerken en verkrijgbaar in verschillende diameters (veelal 50, 75 of 110 mm).
- Stadsuitlopen: Een stadsuitloop is een dakafvoer die horizontaal door de dakrand of gevel loopt. Dit type wordt vaak toegepast bij platte daken waar geen verticale afvoer mogelijk is.
- Zinkafvoeren: Traditioneel en duurzaam. Wordt vooral toegepast op oudere woningen of bij projecten waarbij een lange levensduur zwaar weegt. Zink vergt weinig onderhoud en is bestand tegen weersinvloeden.
- Aluminium afvoeren: Lichtgewicht alternatief voor zink, roestvrij en geschikt voor zowel moderne als traditionele woningen.
De juiste diameter kiezen
De diameter van de dakafvoer bepaalt hoeveel water er per tijdseenheid afgevoerd kan worden. Hoe groter het dakoppervlak, hoe groter de afvoer moet zijn. Als vuistregel geldt: voor elke 50 vierkante meter dakoppervlak heb je minimaal één afvoer van 75 mm nodig. Bij grotere daken of daken in regio’s met veel neerslag kun je beter 110 mm aanhouden of meerdere afvoerpunten plaatsen.
Een te smalle afvoer raakt snel verstopt en kan water niet snel genoeg verwerken. Dat leidt tot plasvorming op het dak, wat de dakbedekking aantast en het risico op lekkages vergroot. Liever iets te ruim dan te krap.
Bladvangers: klein onderdeel, grote impact
Een bladkorf of bladvanger hoort bij vrijwel elke dakafvoer. Dit kleine roostervormige opzetstuk voorkomt dat bladeren, mos en ander vuil in de afvoerpijp terechtkomen. Zonder bladvanger verstopt een dakafvoer in de herfst binnen een paar weken, zeker als er bomen in de buurt staan.
Bladvangers zijn verkrijgbaar in verschillende materialen: kunststof, RVS en zink. Een RVS-versie is steviger en gaat langer mee dan een kunststof exemplaar. Controleer de bladvanger minimaal twee keer per jaar, bij voorkeur in het najaar en het voorjaar.
Plaatsing: waar let je op?
De dakafvoer moet op het laagste punt van het dak geplaatst worden, zodat water er vanzelf naartoe stroomt. Bij een plat dak wordt dit bereikt door het dak licht te laten hellen (minimaal 1 tot 2 procent). Staat de afvoer op een hoog punt, dan blijft water staan en richt het schade aan.
Zorg ook voor voldoende afstand tot de dakrand. Een afvoer te dicht bij de rand vergroot het risico op vorstschade aan de aansluiting. Bij EPDM-daken wordt de afvoer altijd verlijmd en soms ook mechanisch bevestigd voor een waterdichte aansluiting.
Bij nieuwbouw of een renovatie is het slim om het aantal afvoerpunten af te stemmen op de lokale regenintensiteit. De KNMI-neerslagdata voor jouw regio geven daarvoor een goede basis.
Onderhoud van de dakafvoer
Een dakafvoer vraagt weinig onderhoud, maar dat beetje is wel belangrijk. Controleer minstens twee keer per jaar of de bladvanger schoon is en de afvoer vrij loopt. Giet er een emmer water in om te testen of het water snel wegloopt. Loopt het water traag of helemaal niet weg, dan is er waarschijnlijk een verstopping in de pijp.
Een verstopping los je op met een afvoerstang of een hogedrukspuit. Vermijd chemische reinigingsmiddelen in combinatie met EPDM-aansluitingen, want agressieve middelen kunnen de manchet aantasten. Bij een hardnekkige verstopping is een dakdekker of loodgieter de aangewezen persoon.
Regenwater hergebruiken via de dakafvoer
Steeds meer huiseigenaren koppelen hun dakafvoer aan een regenwaterput of -tank. Dat is niet alleen goed voor het milieu, maar bespaart ook op de waterrekening: regenwater is gratis en goed te gebruiken voor het toilet, de wasmachine of het besproeien van de tuin. Een filter of eerste-waterafscheider zorgt ervoor dat het vuile eerste spoelwater na een droge periode niet in de put terechtkomt.
Let op dat je gemeente regels kan hebben over de aansluiting van regenwater op het riool of over de aanleg van een put. Vraag dit na bij je gemeente voordat je aan de slag gaat.
Een goed functionerende dakafvoer voor regenwater is geen luxe maar een basisonderdeel van een gezond dak. Kies het type dat past bij je dakbedekking, neem de juiste diameter, zet een bladvanger op, en check het systeem twee keer per jaar. Zo blijft je dak droog en je dakconstructie intact.


