Een ondergrondse tank voor regenwater slaat opgevangen regenwater op onder de grond, zodat je het later kunt gebruiken voor je tuin, toilet of wasmachine. Omdat de tank onder de grond zit, blijft het water koel en donker, wat alggroei tegengaat en de kwaliteit langer goed houdt. Voor wie structureel veel water verbruikt, is dit een van de meest praktische manieren om regenwater op te slaan.
Ondergrondse regenwatertanks zijn er in veel maten, van ongeveer 1.500 liter voor een kleinere tuin tot 15.000 liter of meer voor een grote woning of bedrijf. De keuze voor de juiste inhoud hangt af van je dakoppervlak, je waterverbruik en hoeveel grond je beschikbaar hebt.
Waarom kiezen voor een ondergrondse regenwatertank?
Bovengrondse vaten zijn goedkoper en makkelijker te plaatsen, maar ze hebben een flink nadeel: ze nemen ruimte in op je terras of in je tuin, ze kunnen bevriezen in de winter en in de zomer warmt het water snel op. Een ondergrondse tank heeft die problemen niet. Het water blijft op een stabiele temperatuur van zo’n 10 tot 12 graden, het vriest niet in, en de tank is volledig onzichtbaar in je tuin.
Daar staat tegenover dat de plaatsing van een ondergrondse tank meer werk vraagt. Je hebt een kraan of pomp nodig om het water omhoog te pompen, en de aanleg kost meer tijd en geld dan het neerzetten van een regenton. Dat maakt een ondergrondse tank verstandig als je echt veel water wilt opslaan en structureel wilt besparen op drinkwater, maar minder geschikt als je alleen af en toe je gieter wilt vullen.
Inhoud en afmetingen kiezen
De vuistregel is dat je dakoppervlak bepaalt hoeveel regenwater je kunt opvangen. Per 10 vierkante meter dak vang je bij een gemiddelde neerslag van 800 millimeter per jaar ruwweg 8.000 liter op. Een woning met een dakoppervlak van 80 vierkante meter kan in theorie tot 64.000 liter per jaar opvangen. De tank hoeft dat niet allemaal tegelijk te bevatten: je wilt vooral genoeg buffer voor droge periodes.
Gangbare maten voor particulieren zijn 3.000, 5.000, 7.500 en 10.000 liter. Een tank van 5.000 liter is een veelgekozen midden maat voor een gezin dat regenwater wil gebruiken voor toilet, wasmachine en tuinberegening samen. Grotere tanks van 10.000 tot 15.000 liter zijn vooral interessant als je ook een grote tuin beregenin of het water wilt gebruiken voor meerdere doeleinden tegelijk.
Materialen: beton, polyethyleen of glasvezel
De meeste ondergrondse regenwatertanks zijn gemaakt van polyethyleen (PE), beton of glasvezel. Polyethyleen is lichtgewicht, relatief goedkoop en bestand tegen corrosie. Dit materiaal is veruit het meest gebruikt voor particuliere toepassingen. Betontanks zijn zwaarder en duurder, maar kunnen in sommige situaties beter bestand zijn tegen gronddruk. Glasvezel zit daartussenin: sterk, licht en duurzaam, maar ook duurder dan polyethyleen.
Voor de meeste tuinen en woningen is een PE-tank de meest praktische keuze. Let bij de aankoop op de wanddikte en of de tank gecertificeerd is voor ondergrondse plaatsing, want niet elke goedkope tank is berekend op de gronddruk van een diepe put.
Aanleg: wat komt er bij kijken?
Een ondergrondse regenwatertank plaatsen doe je niet zomaar zelf. Je hebt een graafmachine nodig om een kuil te maken die groot genoeg is voor de tank plus werking rondom. Daarna wordt de tank in de kuil gelaten, verbonden met het afvoersysteem van het dak en uitgerust met een overloop zodat te veel water afvoert naar het riool of een infiltratieput.
Wat je daarna nog nodig hebt:
- Een dompelpomp of tuinpomp om het water omhoog te pompen naar de gebruikspunten
- Een filter op de instroom, zodat bladeren en vuil niet in de tank komen
- Een drijvend filter of kalmte-inlaat binnenin de tank, zodat het water rustig blijft en sediment op de bodem blijft liggen
- Eventueel een level-indicator zodat je weet hoeveel water er nog in zit
Ga je het regenwater ook binnenshuis gebruiken, voor toilet of wasmachine, dan is er bovendien een aparte leidinginstallatie nodig. Die mag niet verbonden zijn met het drinkwaternet. Dat is een wettelijke eis in Nederland om terugstroming van regenwater naar het drinkwaternet te voorkomen.
Wat kost een ondergrondse regenwatertank?
De prijs van de tank zelf hangt sterk af van de inhoud en het materiaal. Naar schatting rond 2025 betaal je voor een PE-tank van 3.000 liter al snel 300 tot 600 euro, voor een tank van 5.000 liter reken je op 500 tot 900 euro en voor een tank van 10.000 liter of meer gaat het al snel richting 1.000 tot 2.000 euro of hoger. Dit zijn schattingen voor de tank alleen, zonder montage en toebehoren.
Tel daarbij de kosten voor grondwerk, pomp, filters en eventueel binnenhuisinstallatie. In totaal kom je voor een complete installatie voor een gezinswoning al snel uit op een bedrag tussen de 1.500 en 4.000 euro, afhankelijk van de complexiteit. Dat klinkt als veel, maar wie regenwater gebruikt voor toilet, wasmachine en tuin, kan op jaarbasis al gauw honderden liters drinkwater besparen.
Wanneer is een ondergrondse regenwatertank niet verstandig?
Als je alleen je moestuin of bloemen wilt besproeien en daarvoor een paar honderd liter per zomer nodig hebt, is een eenvoudige bovengrondse regenton sneller en veel goedkoper. Een ondergrondse tank is pas echt lonend als je het water ook binnenshuis gebruikt of als je een grote tuin hebt die je regelmatig beregenin. Op een kleine stadstuin zonder veel berging is de aanleg ook al snel lastig door gebrek aan ruimte voor het grondwerk.
Kijk ook goed naar de grondwaterstand op jouw locatie. Bij een hoge grondwaterstand kan een lege of bijna lege tank opdrijven. Een betrouwbare leverancier of installateur kan je hierover adviseren en waar nodig extra verankering toepassen.
Een ondergrondse regenwatertank is een investering die zichzelf op de lange termijn terugverdient, maar vraag altijd een installateur om een offerte op maat. De aanlegkosten en bijkomende werken lopen erg uiteen en dat maakt de terugverdientijd in de praktijk heel persoonlijk.


